Bron: #Dwars door de buurt – editie 248
Het rijk geïllustreerde boek Waarachtige Verhalen: de historie van de 130 jaar oude begraafplaats De Nieuwe Ooster biedt een fascinerende reis door de geschiedenis van deze opmerkelijke plek. Ontworpen door de beroemde tuinarchitect Leonard Anthony Springer en geopend in 1894, is de begraafplaats een unieke erfenis van dood en begrafenis.

Met meer dan 30.000 graven, 1000 verschillende boomsoorten en negen monumentale gebouwen, geeft het boek een mooi inzicht in dit historisch erfgoed.
Rijksmonument
De oorspronkelijke Oosterbegraafplaats, gelegen aan de rand van het Oosterpark, bleek onvoldoende capaciteit te hebben, wat leidde tot de oprichting van De Nieuwe Ooster. Springers ontwerp wordt gekenmerkt door slingerende paden rondom het centraal gelegen, brede hoofdpad. Vanuit het aulagebouw leidde de rechte hoofdlaan, de Laan naar de Hemel, bezoekers naar de graven. De begraafplaats breidde uit in 1917, 1930, 1942 en 1959 en beslaat nu 33 hectare. Sinds 1994 herbergt het complex ook een crematorium en staat het bekend als De Nieuwe Ooster, begraafplaats, crematorium en gedenkpark.
Sinds oktober 2003 is begraafplaats De Nieuwe Ooster erkend als rijksmonument. Samen met het park zijn ook zeventien graven, de toegangspoort, de voormalige directeurswoning, de dienstwoningen, de barenloods, het voormalige lijkenhuis en de aula rijksmonumenten geworden. Deze erkenning benadrukt het historische en culturele belang van deze locatie. Het park en de graven op De Nieuwe Ooster bieden een rijke en diverse blik op de geschiedenis en cultuur van Amsterdam. Verhalen van verzet, kunst en gemeenschapsleven zijn door de jaren heen bewaard gebleven en maken van De Nieuwe Ooster een bijzondere plek.
Arboretum
Het boek is in twee delen verdeeld: het eerste deel behandelt de indrukwekkende 130-jarige geschiedenis, terwijl het tweede deel bijzondere gebeurtenissen, opvallende grafmonumenten en oorlogsherdenkingen belicht. Auteur Marie-Louise Meuris slaagt er in de stem van gewone mensen te laten horen en hen tot leven te brengen. Meuris, die van 1997 tot 2014 directeur was, beschrijft in het eerste deel de ontwikkelingen tijdens haar eigen periode: de grote uitbreiding van het terrein, de vernieuwing van het aulacomplex, het moeizame behoud van de afbladderende historische wandschildering in de aula en het ontstaan van het arboretum.

Al vele jaren staat het gedenkpark van De Nieuwe Ooster ook bekend als arboretum. De huidige omvang van de bomen had nooit tot stand kunnen komen zonder de inzet van veel tuinlieden, opzichters en beheerders. Momenteel bezit het arboretum een aanzienlijke collectie van verschillende soorten naald- en loofbomen en coniferen. Het aantal bomen neemt nog steeds toe.
Het boek, opgedragen aan alle (oud)medewerkers van De Nieuwe Ooster, biedt de lezer een intiem kijkje achter de schermen van deze historische plek.
Kijkje achter de schermen
Bij de herinrichting van de aula koos de begraafplaats voor een innovatieve manier om crematoriumplechtigheden af te sluiten. In veel andere aula’s lopen de uitvaartgangers langs de kist en laten deze alleen, of de kist zakt in de vloer, alsof het een graf is. In de nieuwe aula wordt sinds 2013 door een mechaniek de kist rustig uit het zicht naar boven gehesen, wat een waardig en respectvol einde van de plechtigheid mogelijk maakt.
Verder geeft Meuris inkijkjes achter de schermen. Zo beschrijft ze het gedoe rond het protserige mausoleum van koloniale massamoordenaar Van Heutsz. In 1927 kreeg hij als nationale held een mausoleum dat tot 2003 dwars over het centrale pad pal achter de aula stond, maar nu is verbannen naar een uithoek van het terrein. Uit onderzoek blijkt dat zijn door de Nederlandse overheid opgedragen oorlogshandelingen onnoemelijk veel leed hebben veroorzaakt in Nederlands-Indië.
Onder leiding van Meuris werd het uitvaartmuseum Tot Zover gerealiseerd. Voor het ontwerp van een unieke urnentuin werd het gerenommeerde architectenbureau Karres en Brands ingeschakeld. Deze bijzondere urnentuin, gelegen langs de Zaaiersweg, werd eind september 2006 geopend in de uitbreiding van 1930. Het monumentale en ingetogen nieuwe gebied voor asbestemmingen maakt deel uit van deze vernieuwing. De krachtige lijnen van de ‘streepjescode’, waarin elementen zoals het magnoliabos, het columbarium en de vijver met ‘drijvende’ Charon-urnen zijn opgenomen, creëren een unieke en gevarieerde ruimte. Daarnaast werden een nieuw rouwcentrum en een groot nieuw kantoor aan de kant van de Gooiseweg gerealiseerd.
Bijzondere grafmonumenten
Een bijzondere persoon die begraven ligt op De Nieuwe Ooster is de schrijver Theo Thijssen. Hij is vooral bekend van zijn boek Kees de jongen. Thijssen leefde van 1879 tot 1943 en werd oorspronkelijk begraven in een algemeen graf voor tien jaar. Na het ruimen van zijn graf in 1955, werd in 2005 een monument ter ere van hem gemaakt door beeldhouwer Jan Wolkers op de plek van zijn voormalige graf.
Een ander opmerkelijk verhaal gaat over Willem Visser. Minstens de helft van de tuinmannen van De Nieuwe Ooster werkte ooit bij zijn particuliere hoveniersbedrijf aan de Archimedesweg. Op zijn 90ste en 95ste jaar, haalden de oud-medewerkers het echtpaar op om gezamenlijk feest te vieren op de begraafplaats. Een half jaar later overleed Willem Visser in zijn slaap. ‘Een vriend van iedereen die hem kende, onsterfelijk door zijn humor,’ staat er op zijn grafsteen.

De Nieuwe Ooster bevat ook veel grafmonumenten die verwijzen naar slachtoffers van het nazibewind en het verzet daartegen. Verspreid over het terrein liggen de graven van Sinti en Roma, waaronder dat van hun zigeunerkoning Koko Petalo. Een interessant detail uit het boek over De Nieuwe Ooster is de beschrijving van hun voorliefde voor Mercedessen, die in de staande stenen zijn gegraveerd.
Eerbetoon
Wat dit boek bijzonder maakt, is dat het afsluit met een handige tijdlijn en een epiloog waarin dertien betrokkenen, variërend van uitvaartondernemers tot experts in funerair erfgoed, hun visie delen over de toekomst van De Nieuwe Ooster. Dit vooruitkijkende element voegt een interessant aspect toe aan het verhaal. Het boek is een eerbetoon aan de rijke geschiedenis en het erfgoed van De Nieuwe Ooster, en is een aanrader voor iedereen met interesse in de geschiedenis van Amsterdam. #
Evelien Polter
Geef een reactie